Armoede en Menselijkheid

Aanvullende informatie

  • Name: Armoede en Menselijkheid
  • OVERVIEW

  • Linguistic dimension

  • Linguistic dimension - Skill(s): Lezen/Schrijven
  • Duration: 3 x 45
  • Target language: English of een andere MVT
  • ICT dimension

  • ICT resources:

    Xmind : http://www.xmind.net

    Speechable:http://www.speechable.com

    -http://riskwerk.files.wordpress.com/2014/05/more-please.png

    -http://charlesdickenspage.com/twist_more.html,

    -https://docs.google.com/forms/d/1baySjaHh-iuVO1D8PjD-sv7TUg3sOK9baIAW7duBWwA/viewform

    https://docs.google.com/forms/d/1HnSHi5_VNt6nI4RTKySjXCDoFGcFs4_p_bYEqrgQ8FY/viewform

    Wordle (http://www.wordle.net)

    Poster My Wall (http://www.postermywall.com)

    Padlet (http://padlet.com)

    Canva (https://www.canva.com)

    Thinglink (https://www.thinglink.com)

    Toondoo (http://www.toondoo.com)

    Storybird (https://storybird.com)

    Websites over Victorian Britain: (http://www.bbc.co.uk/schools/primaryhistory/victorian_britain) or (http://resources.woodlands-junior.kent.sch.uk/homework/victorians.html

    Interactieve kruiswoordpuzzel: file:///C:/Users/Folio/Desktop/olivercrossword.htm.htm

    Cloze test 1: file:///C:/Users/Folio/Desktop/Oliver%20cloze%201.htm

    Cloze test 2: file:///C:/Users/Folio/Desktop/oliver%20cloze%202.htm

    Cloze test 3: file:///C:/Users/Folio/Desktop/oliver%20cloze%203.htm

    Werkbladen

    Plaatjes

     

  • ICT competences: 1. Mindmaps maken 2. Spraakbubbels aan een tekst toevoegen 3. Op het internet een begripsactiviteit doen of de enquête op het internet invullen 4. Een woordwolk en een poster / een kort verhaal/ een interactieve foto / een folder maken of een informatiemuur bouwen 5. Padlet gebruiken om de personages in een verhaal voor te stellen 6. Stripverhalen of een versie met animaties van het vervolg van een verhaal maken 7. Een interactieve kruiswoordpuzzel doen 8. Interactieve cloze-test activiteiten doen
  • Detailed description of the task

  • Situation / theme(s): Situatie in een aangepast fragment uit de roman Oliver Twist van Charles Dickens die draait om armoede.
  • I can...:
    • Een simpele verbonden tekst schrijven.

    • Frases op een simpele manier verbinden om ervaringen en gebeurtenissen te beschrijven.

    • Een verhaal of het plot van een boek vertellen.

    • Een beschrijving van gebeurtenissen begrijpen.

  • Product: De leerlingen moeten een woordwolk, poster, padlet, stripverhaal, of een verhaal in de vorm van een digitaal boek maken.
  • Product requirements or prerequisites:

    Om deze les te kunnen geven is een smartboard nodig evenals computers / tablets voor de leerlingen zodat ze de gedurende de les gesuggereerde gratis software kunnen gebruiken. In de meeste gevallen moeten de leerlingen een account openen om deze software te kunnen gebruiken.

  • Process:

    Voorbereidig op de eigenlijk taak

    Activiteit 1

    In welk jaar zijn we nu? Haal daar 200 jaar vanaf. Welk jaar is het nu? We gaan naar het Londen van begin 19e eeuw om te leren hoe het leven in het Victoriaanse Engeland was. Om dit te doen moeten we wat posters maken met de informatie die we gaan vergaren. Het is je taak om de informatie die je krijgt (titels, teksten en foto’s) op een mindmap te zetten en de beschrijving van die tijd aan de klas te presenteren. Je hulpmiddel voor de taak is Xmind software (http://www.xmind.net). Als de teksten lang zijn, maak je er notities van. Bekijk dit voorbeeld van een sjabloon:

    Pov 1

    Hier is de informatie je kunt gebruiken:
    1. Titels
    1. Groot-Brittannië in de Victoriaanse tijd
    1. De armen en de rijken in de Victoriaanse tijd
    1. Kinderen aan het werk
    1. Het werkhuis
    1. Oliver Twist

     

     

    Β. Teksten
    1. De plaats van handeling is Londen. Er wordt een baby geboren maar de moeder sterft dus de kerk stuurt Oliver naar een werkhuis. Als Oliver om meer eten vraagt, sturen ze hem weg. Op straat ontmoet hij een bende dieven maar een goede man redt hem en biedt hem een thuis aan.
    2. De directeur van het werkhuis was de Ordebewaker. Hij nam samen met het bestuur alle besluiten. Er waren ook een meester, een kok, assistenten, een dokter en een leraar.
    3. Arme Victoriaanse kinderen werkten om hun families te helpen. Veel kinderen begonnen op vijfjarige leeftijd te werken. De kinderen werkten op boerderijen, in rijke huizen, in fabrieken en op straat in de stad, waar ze dingen verkochten. Ze werkten ook als schoorsteenveger.
    4. Het Victoriaanse Groot-Brittannië ontleent zijn naam aan Koningin Victoria, die regeerde van 1837 tot 1901.
    5. Er was geen elektriciteit. In plaats daarvan gebruikte men gaslampen of kaarsen voor verlichting. Er waren geen auto’s. Men reisde per boot of trein of gebruikte paarden om van de ene naar de andere plaats te gaan.
    6. De armen werkten lang, woonden in heel slechte huizen en aten slecht voedsel. Velen leefden op straat. Arme kinderen zagen er mager en hongerig uit, droegen slechte kleren en sommigen hadden geen schoenen. Arme kinderen moesten werken en de wezen woonden in werkhuizen.
    7. Fabriekseigenaren namen kinderen in dienst omdat ze goedkoop waren, kleine vingers hadden en onder de machines konden komen. Het werk was zwaar en gevaarlijk voor kinderen. Kinderen hadden ongelukken en gingen dood op hun werk.
    8. Werkhuizen waren plaatsen waar arme mensen of weeskinderen woonden. Ze moesten allemaal werken in het werkhuis. Er was te weinig voedsel en het was smakeloos en iedere dag hetzelfde. De kinderen leerden een vak. Iedereen moest een uniform dragen en zich aan de regels houden.
    9. Oliver Twist was een roman van Charles Dickens, een Engelse schrijver die in de Victoriaanse tijd leefde; het boek verscheen in 1837. Het vertelt het trieste verhaal van een weesjongen, Oliver, die veel ongelukkige ervaringen heeft voor hij uiteindelijke een echte familie vindt.
    10. De rijken hoefden niet te werken, woonden in grote huizen met bedienden en droegen mooie kleren. Rijke kinderen gingen naar school of kregen thuis les en gingen ook op vakantie.
    11. Groot-Brittannië werd het rijkste en sterkste land ter wereld. Er werden fabrieken en machines gebouwd. De steden werden groot omdat de mensen hun dorpen verlieten om in de fabrieken in de steden te gaan werken.

     

    B. FOTO'S

    pov 2                pov 3

    pov 4                  pov 5

    Pov 6               pov 7

     

    pov 8   pov 9  pov 10

    • Je kunt een foto kiezen die bij ieder onderwerp hoort om te downloaden.
    • Je kunt ook de gegeven foto’s gebruiken.

     

    Activiteit 2

    Kijk naar het onderstaande plaatje.

    Bespreek met je groepje waar de kinderen zijn en wat er gebeurt. Gebruik vervolgens SPEECHABLE (http://www.speechable.com) om 3 spraakbubbels toe te voegen, een voor de jongen met de kom, een voor de man met het schort en een voor de jongens aan de tafel. Wissel vervolgens je werk uit met de andere groepjes en leg je ideeën uit. Je kunt het plaatje downloaden van http://riskwerk.files.wordpress.com/2014/05/more-please.png

    Je kunt kiezen wat de beste spraakbubbel is!

    pov 11

    Activiteit 3

    Lees een fragment van de roman Oliver Twist op http://charlesdickenspage.com/twist_more.html of gebruik de onderstaande aangepaste versie.

    Oliver Twist door Charles Dickens (1837). Hoofdstuk 2.

    “Please, sir, I want some more” pov 13

    The room in which the boys ate their food was a large stone hall with a copper pot at one end. From this copper pot the master, dressed in an apron and helped by one or two women, served the soup at mealtimes. Each boy had one bowl, and no more -- except on great holidays, when he had half a roll of bread too. pov 12

    The bowls never needed to be washed. The boys polished them with their spoons pov 14

    till they shone again. And when they had done this (which never took very long, as the spoons were nearly as large as the bowls), they sat looking at the copper pot on the fireplace with such willing eyes, as if they could have eaten even the bricks of the fireplace. Oliver Twist and the other boys were so hungry that one boy, who was tall for his age, whispered to the others that, if he didn’t have another bowl of soup every day, some night he might just eat the boy who slept next to him. He had wild, hungry eyes and they believed him. They talked about who should walk up to the master after supper that evening and ask for more; the task fell to Oliver Twist.

    pov 15

    The evening arrived and the boys took their places. The master, in his cook's uniform, stood at the copper pot; his assistants stood behind him. They served out the soup and it soon disappeared. Then the boys whispered to each other and pushed Oliver. He rose from the table and, walking to the master, bowl and spoon in hand, said, 'Please, sir, I want some more.'

    The master was a fat, healthy man but he turned very pale. He looked with surprise at the small rebel for some seconds and then held up the copper pot. The assistants were paralysed with wonder; the boys with fear.

    'What?!' said the master in a low voice.

    'Please, sir,' said Oliver, 'I want some more.'

    The master hit Oliver's head with the ladle, grabbed him by the arm and shouted loudly for the Beadle (it seems that this strictly will raise questions. If that is the purpose, maintain; if not, eliminate). The Board (will students understand this?) of Directors, led by Mr. Limbkins, were talking seriously when Mr. Bumble rushed into the room in great excitement and said,

    'Mr Limbkins, I beg your pardon, sir! Oliver Twist has asked for more!'

    There was a general surprise. Horror was on the face of every assistant. (Because the boys were NOT surprised or horrified!)

    'For MORE!' repeated Mr. Limbkins. ‘Be cool, Bumble, and answer me clearly. Do I understand that he asked for more after he had eaten the dinner we gave him?'

    'He did, sir,' answered Bumble.

    'That boy will be hung,' said one member of the Board. 'I know that boy will be hung.'……………………………………………………………………………………………………………………

    Vervolgens vraagt de docent de leerlingen om:

    en de resultaten met de rest van de klas te bespreken.

    Activiteit 4

    Bekijk de videoclip op YouTube (https://www.youtube.com/watch?v=kr4WxEQHiCE), werk met je groepje en maak een lijst van de verschillen tussen de clip en de tekst die je hebt gezien; deel deze met de klas.

    Eigenlijke Taak

    Activiteit 5:

    Olivier had het zwaar in het werkhuis. Misschien zijn er in de loop der tijden dingen veranderd maar er zijn nog veel mensen die op verschillende manieren lijden. Denk je eens in dat je medeleerlingen en jij een groepje vrijwilligers zijn die voor de vluchtelingen willen werken die onlangs op een eiland in Zuid Europa zijn aangekomen. Het is je taak om mensen van je leeftijd te helpen zich meer op hun gemak te voelen en zich thuis te voelen in het speciale kamp dat voor hen is ingericht. Kies in groepjes, een van de volgende taken.

    Gedifferentieerde eindproducten bij het groepswerk. De docent kan kiezen naar gelang het niveau van de leerlingen.

    1. Gebruik Canva (https://www.canva.com) om een folder over het kamp en het leven daarin te maken.
    2. Gebruik Poster My Wall (http://www.postermywall.com) om een poster te maken die bij de ingang van het kamp hangt en jongeren kan helpen.
    3. Gebruik Thinglink (https://www.thinglink.com) om een interactieve foto van een deel van het kamp te maken met informatie over specifieke dingen.
    4. Gebruik Padlet (https://padlet.com) om een informatiemuur met mogelijke Europese bestemmingen voor vluchtelingen te maken. Gebruik

               1.   een tekst die uitlegt voor wie je die bestemming kiest en waarom

               2.   meer informatie in de vorm van plaatjes, audio, video of geschreven tekst.

    1. Gebruik Toondoo (http://www.toondoo.com ) om een stripverhaal te maken met belangrijke kampregels voor de kinderen.
    2. Maak een positief kort verhaal van maximaal 5 pagina’s voor de kinderen in het kamp met (https://storybird.com).

    Als je klaar bent, vertel je je klas over je initiatief.

    Concentratie op Taal

    Activiteit 6

    Maak een interactieve kruiswoord puzzel over Oliver Twist en controleer je woordenkennis. Je kunt de kruiswoordpuzzel hier vinden: file:///C:/Users/Folio/Desktop/ETALAGE%202/Oliver%20Twist%20task/Oliver%20Twist%20crossword.htm.

    Activiteit 7

    Werk met een medeleerlingen en doe de 3 korte interactieve cloze test activiteiten.

    Cloze test 1: file:///C:/Users/Folio/Desktop/ETALAGE%202/Oliver%20Twist%20task/Oliver%20cloze%201.htm

    Cloze test 2: file:///C:/Users/Folio/Desktop/ETALAGE%202/Oliver%20Twist%20task/oliver%20cloze%202.htm

    Cloze test 3: file:///C:/Users/Folio/Desktop/ETALAGE%202/Oliver%20Twist%20task/oliver%20cloze%203.htm

     

     

    Bewaren

  • Division of roles (optional): Groepswerk en werk in tweetallen
  • Consolidating activities suggested or follow up plan:

    Men kan het taalgedeelte in tweeën verdelen: Activiteit 7 kan in de les aangezien het werk in tweetallen is en Activiteit 6 kan als huiswerk.

  • Success factors or evaluation criteria:

    De leerlingen hebben het goed gedaan als ze het product hebben gemaakt, namelijk een video/strip/poster/kort verhaal/folder waarmee ze een tiener vluchteling helpen en als leerlingen gebruik hebben gemaakt van de gesuggereerde ICT-hulpmiddelen De docent zal evalueren door te observeren hoe leerlingen de taak uitvoeren a.d.h.v. onderstaande succes factoren en kan leerlingen ook voorzien van een zelfevaluatieformulier om te zien of leerlingen ook de CEFR doelen voor deze les behaald hebben (dit zijn de ‘ik kan’ stellingen).

    Leerlingen hebben het goed gedaan op het gebied van:

    * Inhoud:

    Ze hebben een video/stripverhaal/poster/kort verhaal/folder gemaakt die tiener vluchtelingen helpt.

    *Vocabulaire:

    Ze hebben vocabulaire en uitdrukkingen gebruikt die te maken hebben met het onderwerp recyclen. Ze behalen 65% in de taalgerichte cloze activiteiten.

    *Grammaticale correctheid

    Ze hebben de gebiedende wijs op de juiste wijze toegepast; er is weinig invloed meer van de moedertaal in het taalgebruik van de leerlingen. Ze hebben juiste werkwoord tijden gebruikt, de juiste woordvolgorde en de juiste spelling.

    *Vloeiendheid

    Leerlingen hebben gesproken zonder ontbrekende woorden en zonder teveel fouten te maken.

    *Samenhang

    Leerlingen hebben zinnen aan elkaar kunnen verbinden door regelmatig de juiste verbindingswoorden te gebruiken.

    *Interactie

    Leerlingen zijn actief binnen hun groepje en binnen de klas en delen hun ideeen en opvattingen en accepteren de mening en kritiek van anderen.

    *Uitspraak

    Leerlingen kunnen woorden op de juiste wijze uitspreken en kunnen grote fouten van klasgenoten of groepsgenoten corrigeren.

  • Authors: Als u meer informatie over de taak wilt of als u aanpassingen en uitvoering van de taak met de auteur wilt bespreken, neemt u dan contact op met: Vasiliki (Bessie)Gioldasi Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. Ioannis Karras Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
  • Acknowledgements: Gebaseerd op door Ms. Kotadaki, EFL Staatsschool Adviseur voor Engels gemaakt materiaal
  • Didactic added value of the task and other information

  • Practical hints for teachers:
    De docenten moeten al deze sites hebben uitgeprobeerd en moeten accounts hebben aangemaakt om te zorgen dat er geen vertraging optreedt tijdens het uitproberen.

    De leerlingen moeten tijd krijgen om vertrouwd te raken met de bovengenoemde ICT- hulpmiddelen.

  • Additional methodological or didactic comments:

    Activiteit 5 is geschreven voor verschillende leerstijlen of behoeftes. Het is niet nodig om alle gesuggereerde activiteiten te gebruiken. De docent kan hier bepalen. De activiteit die eraan vooraf gaat is aangepast aan de huidige situatie.

  • Reasons why this task is a model of best practices:

    De taak is gebaseerd op in Griekenland gebruikt materiaal voor de opleiding van leraren Engels om taalcompetenties aan te leren met behulp van ICT hulpmiddelen alsmede leerlingen te laten leren over mensen in nood. Dit materiaal is gemaakt voor de lerarenopleiding in Griekenland en is dus binnen deze context succesvol uitgevoerd en geëvalueerd.

  • Impact that it is expected to have on the teaching practices and attitudes:

    Er zijn veel gebruikersvriendelijke hulpmiddelen op het internet die docenten gemakkelijke kunnen gebruiken en in hun lessituaties kunnen opnemen.

    De docenten worden vertrouwd met het gebruik van de methodologie van het taakgericht taalonderwijs.

  • Reasons why this task travels well:

    De taak is gebaseerd op een bekende, klassieke roman en gaat over een onderwerp waar mensen in de heel wereld mee te maken hebben.

    In iedere taal en cultuur zijn er vergelijkbare werken die iedere taaldocent kan gebruiken.

  • Rationale and/or theoretical underpinnings of the task: De taak is ingedeeld in de 3 cycli (activiteiten voor de taak, taak, concentreren op taal) gebaseerd op de ideeën van Willis & Willis’ over taakgericht taalonderwijs (hieronder het oorspronkelijk Engelse model van Wills)

Taken per tandem